AAnesthetica (narcosemiddelen):
Geneesmiddelen die de pijn tijdens een chirurgische of medische ingreep verlichten of voorkomen. Er zijn vier belangrijke vormen van narcose (verdoving). U of uw chirurg bepaalt welke vorm voor u geschikt is.
- Plaatselijke verdoving: een klein deel van het lichaam wordt verdoofd.
- Bewuste of intraveneuze (IV) sedatie: maakt gebruik van een licht kalmerend middel zodat u kunt ontspannen, en een pijnstiller die de pijn verlicht.
- Regionale narcose: blokkeert de pijn in een deel van het lichaam, bijvoorbeeld in een arm of in een been.
- Algemene narcose: de verdoving heeft betrekking op het hele lichaam. U valt in slaap en na het ontwaken hebt u geen herinneringen aan de medische ingreep.
Areola (tepelhof):
De gekleurde huid van de borst, rondom de tepel.
Asymmetrie:
Als twee borsten niet gelijk zijn qua vorm, grootte en/of positie.
Ambulante chirurgie:
Een chirurgische ingreep waarbij overnachting in het ziekenhuis niet noodzakelijk is.
Terug naar boven BBarrièrelaag:
Een extra siliconenlaagje in het omhulsel van het borstimplantaat. De met silicone gevulde borstimplantaten van Natrelle™ zijn geheel omgeven door een gepatenteerde barrièrelaag, die extra beschermt tegen diffusie van gel.
Terug naar boven CCosmetisch chirurg:
Arts die zich heeft gespecialiseerd in esthetische chirurgie. Plastische chirurgen kunnen zich ook cosmetisch chirurg noemen. Plastische chirurgen zijn echter grondiger opgeleid dan esthetische chirurgen.
Chirurgische borstvergroting:
Een ingreep/operatie om de borstomvang te vergroten en de vorm van de borsten te corrigeren.
Chirurgische borstreconstructie:
Een ingreep om de vorm van de borsten te herstellen en borstweefsel te vervangen dat ten gevolge van kanker of een letsel moest worden verwijderd.
Capsulaire contractie:
De samentrekking van kapselweefsel rondom een implantaat, een verschijnsel dat bij sommige vrouwen na het plaatsen van een implantaat optreedt. Dit kan leiden tot vaste, harde borsten en samenknijpen van het borstimplantaat.
Cc:
Cubic centimeter of kubieke centimeter: heeft betrekking op het volume/de grootte van borstimplantaten. De maat van een borstimplantaat wordt meestal aangegeven in cc of in grammen.
Cohesie:
De stevigheid van een borstimplantaat verkregen door de eigenschappen van de gel waarmee het implantaat is gevuld.
Terug naar boven DDevice tracking (‘productopvolging’):
Een programma dat het mogelijk maakt om vrouwen die een implantaat met siliconengel hebben, zonodig een kennisgeving te sturen. Door dit programma hebben vrouwen nog meer zekerheid dat de producent van de borstimplantaten hen via de arts kan benaderen als er een probleem met hun implantaten wordt vermoed.
Terug naar boven EExtracapsulaire ruptuur:
Ruptuur van een borstimplantaat waarbij silicone doordringt in de buiten het kapsel gelegen weefsels. Het kapsel is het littekenweefsel dat rondom het implantaat ligt.
Terug naar boven GGelbleed (‘doorzweten van de protheses’):
Een lekkage waarbij siliconengel door het omhulsel van het implantaat lekt en in het omliggende kapsel en borstweefsel doordringt
Terug naar boven IIntracapsulaire ruptuur:
Een ruptuur waarbij de siliconengel in het littekenweefsel rondom het implantaat blijft zitten.
Intraveneus (I.V.):
In een ader of in de aders.
Terug naar boven KKapsel:
Littekenweefsel dat ontstaat rondom een borstimplantaat. Soms trekt dit kapsel zich rond het implantaat samen, dit wordt capsulaire contractie genoemd.
Terug naar boven LLittekenvorming:
Een permanent stukje weefsel dat in een natuurlijk genezingsproces over de wonde heen groeit en de normale huid vervangt. Littekenvorming treedt op na elke huidwonde ten gevolge van een ongeluk, ziekte of chirurgische ingreep. Littekens zijn vaak dikker, maar ook rozer, roder of glanzender dan de rest van uw huid.
Terug naar boven MMastectomie:
De verwijdering van borstweefsel ten gevolge van de aanwezigheid van een kankergezwel of een precancereus gezwel. Er zijn vier soorten mastectomie:
- Subcutane mastectomie: chirurgische verwijdering van borstweefsels, waarbij de huid, de tepel en het tepelhof niet worden weggenomen.
- Eenvoudige mastectomie: chirurgische verwijdering van de borst, met inbegrip van de tepel, het tepelhof en een gedeelte van de huid die de borst bedekt.
- Gemodificeerde radicale mastectomie: chirurgische verwijdering van de hele borst, met inbegrip van de tepel, het tepelhof en de huid die de borst bedekt én lymfeknopen voor onderzoek op kankercellen.
- Radicale mastectomie: chirurgische verwijdering van de hele borst, met inbegrip van de tepel, het tepelhof en de huid die de borst bedekt. Daarnaast worden de borstspieren, lymfeknopen en ander aangrenzend weefsel weggenomen. Deze vorm van mastectomie wordt zelden of nooit toegepast.
Magnetic Resonance Imaging (MRI):
Een diagnostisch instrument dat beelden van het inwendige lichaam maakt met behulp van een magnetisch veld en radiogolven. MRI is geschikt voor het opsporen van een ruptuur in een met gel gevuld borstimplantaat
Mammografie:
Een soort röntgenonderzoek van de borsten voor de opsporing van kanker.
Mastopexie:
Plastische chirurgie om hangende borsten omhoog te halen
MRI:
(Zie Magnetic Resonance Imaging)
Terug naar boven OOmhulsel:
De buitenste wand van een met siliconengel of met zoutwateroplossing gevuld borstimplantaat. Het omhulsel is meestal van siliconenrubber en is ontwikkeld om de siliconengel op zijn plaats te houden. De met siliconengel gevulde borstimplantaten van vandaag de dag zijn voorzien van een dik omhulsel, een siliconenpatch en een siliconenbarrièrelaagje dat het gehele oppervlak bedekt.
Terug naar boven PPlastisch chirurg:
Een erkende of gekwalificeerde arts die een universitaire opleiding geneeskunde heeft voltooid en een klinische opleidingsperiode heeft doorlopen, meestal op het gebied van een chirurgisch specialisme, zoals algemene chirurgie, otolaryngologie (chirurgie van hoofd en nek), dermatologische chirurgie of plastische chirurgie. Na de klinische opleidingsperiode kan de arts voor zijn/haar specialisme een bevoegdheid verkrijgen. Daarna kan hij zijn opleiding voortzetten door zich specifiek te gaan toeleggen op esthetische en/of reconstructieve chirurgie.
Plastische chirurgie:
Chirurgische ingreep ter verbetering van het uiterlijk.
Postoperatief:
Na een operatie.
Terug naar boven RRupture:
Een scheur of gaatje in het omhulsel van het implantaat. De ruptuur van een gel-implantaat kan een stille ruptuur zijn (geen symptomen) of met symptomen gepaard gaan. Rupturen kunnen intracapsulair (als de gel in het littekenweefsel rondom het implantaat blijft zitten) of extracapsulair zijn (als de gel zich in andere weefsels verspreidt rondom het littekenweefsel dat het implantaat omgeeft). Enkele factoren die bijdragen aan het ontstaan van een ruptuur in een borstimplantaat zijn: toenemende ouderdom van het implantaat, letsel, samendrukken tijdens een mammografie en beschadiging door chirurgische instrumenten.
Röntgenfoto:
Een diagnostisch instrument dat gebruik maakt van elektromagnetische stralen om foto's te maken van het inwendige lichaam. Deze technologie wordt toegepast bij mammografie, een onderzoek om borstkanker op te sporen.
Revisieoperatie:
Een ingreep om een reeds aanwezig implantaat te corrigeren, te verbeteren of te vervangen.
Terug naar boven SStille ruptuur:
Ruptuur van een borstimplantaat die geen symptomen veroorzaakt en die niet zichtbaar is, behalve met geschikte beeldvormende technieken, zoals MRI. Rupturen van met siliconengel gevulde borstimplantaten zijn meestal stille rupturen.
Silicium:
Het element dat de basis vormt voor de synthese van silicone.
Silicone:
Een door de mens geproduceerd materiaal dat in verschillende vormen beschikbaar is, bijvoorbeeld vloeibaar of gelvormig. Silicone wordt in vele dagelijkse producten toegepast, waaronder ingrediënten en verpakkingen voor voedingsmiddelen, geneesmiddelen en cosmetica zoals lipgloss, crèmes en lotions.
Subglandulaire plaatsing:
Plaatsing van een borstimplantaat onder en tussen de borstklieren, maar boven de borstspier.
Submusculaire plaatsing:
Gehele of gedeeltelijke plaatsing van een borstimplantaat onder de borstspier.
Terug naar boven VVulling:
De materiaalsoort die in het omhulsel van het implantaat zit. Er zijn twee soorten vullingen: zoutwateroplossing en silicone.
Zoutwateroplossing: een oplossing van een kleine hoeveelheid zout in water, die wordt gebruikt als vulling voor de met zoutwateroplossing gevulde implantaten.
Silicone: een door de mens geproduceerd materiaal dat in verschillende vormen beschikbaar is, bijvoorbeeld vloeibaar of gelvormig.
Silicone wordt in vele dagelijkse producten toegepast, waaronder ingrediënten en verpakkingen voor voedingsmiddelen, geneesmiddelen en cosmetica zoals lipgloss, crèmes en lotions.
Terug naar boven WWeefselexpander:
Een vulbaar, ballonvormig hulpmiddel dat geleidelijk met zoutwateroplossing wordt gevuld om de borsthuid op te rekken na mastectomie. Daardoor ontstaat een weefselflap waaronder een implantaat kan worden geplaatst.
Terug naar boven ZZiekenhuisopname bij chirurgische ingreep:
Dit houdt in dat u na de chirurgische ingreep in het ziekenhuis moet overnachten.
Zoutwateroplossing:
Een oplossing van een kleine hoeveelheid zout in water.
Terug naar boven